Sassoli: «Η Ευρώπη πρέπει να έχει σχέση εμπιστοσύνης με τους πολίτες της 
 

Toespraak van David Sassoli, voorzitter van het Europees Parlement, voor de Europese Raad van 16 december 2021

Dames en heren,

 

Ik maak graag van de gelegenheid gebruik om u mijn indrukken en de visie van het Parlement over te brengen in verband met de uitdagingen die ons aan het einde van dit mandaat nog te wachten staan, nu we ons halverwege bevinden, maar niettemin nog een flinke weg te gaan hebben.

De pandemie is nog niet voorbij en het licht aan het einde van de tunnel schuift steeds verder op. Daardoor dralen we om onze blik te richten op de vooruitgang die de Unie nodig heeft, het Europese project van hoop waar al onze Europese medeburgers naar snakken. Natuurlijk hebben we ambitieuze projecten voor Europa – die liggen al van bij het begin van de zittingsperiode op tafel. Wij blijven ons hiervoor met volharding inzetten, door bakens te verzetten en op zoek te gaan naar een onderlinge consensus. Kortom, door te streven naar vooruitgang en onze verschillen te overstijgen. De Green Deal, de digitale transitie, een sterker en democratischer Europa en meer sociale rechtvaardigheid zijn allemaal voorbeelden van sterke en noodzakelijke projecten die door Europa worden aangestuurd. Uit loyaliteit naar onze medeburgers toe moeten we deze projecten doen slagen.

Toch heeft Europa ook en vooral behoefte aan een nieuw project van hoop – een project dat ons allemaal samenbrengt, een project dat onze Unie, onze waarden en onze beschaving kan belichamen, een project dat zo voor de hand ligt dat het alle Europeanen aanspreekt en waar we ons achter kunnen scharen.

Dat project kan volgens mij worden opgebouwd rond drie sterke assen, een drievoudig verlangen dat door alle Europeanen wordt gedeeld: een verlangen naar een Europa dat innoveert, een Europa dat beschermt en een Europa dat straalt en de weg wijst als een baken van licht.

 

Eerst en vooral, een Europa dat innoveert

De innovatie waar we het hier over hebben, is niet uitsluitend de voor onze economie zo broodnodige technologische innovatie. Wat we nodig hebben, is innovatie op alle gebieden, een hernieuwde zin voor creativiteit met betrekking tot onze instellingen, onze beleidsbeslissingen, onze manier van handelen en zelfs onze manier van leven – want dat is waar de ecologische transitie ons toe oproept.

De Conferentie over de toekomst van Europa moet ons helpen in onze zoektocht naar mogelijke vormen van innovatie die een nieuwe richting kunnen geven aan een project waarin alle Europeanen zich kunnen vinden. Zoals u weet draait de Conferentie op volle toeren. Weldra is het tijd om de eerste conclusies te trekken. Ik kan het niet genoeg beklemtonen: we mogen onze verantwoordelijkheden niet uit de weg gaan als het moment aanbreekt om de daad bij het woord te voegen, wensen om te zetten in projecten en ideeën concreet te maken.

We moeten op alle gebieden innoveren!

Op institutioneel gebied uiteraard. Onze Unie is niet volmaakt en blijft een project in aanbouw. Het Parlement heeft geruime tijd geleden een concreet voorstel geformuleerd om onze instellingen democratischer, sterker en innovatiever te maken door middel van het recht van wetgevend initiatief.

We moeten innoveren op het niveau van onze wetgeving. Onze Unie moet als eerste normen invoeren op gebieden waarop momenteel alle ogen in de wereld gericht zijn, met name het reguleren van nieuwe economische sectoren waar vandaag de wet van de jungle heerst. Een voorbeeld is de bescherming van persoonsgegevens, een model dat ondertussen in de hele wereld navolging vindt. Hetzelfde zijn we van plan – en het is hoog tijd – met betrekking tot de digitale markten, om te voorkomen dat de digitale reuzen de regels bepalen in plaats van de burgers.

We moeten bovendien innoveren op het gebied van financiering. Ook wat de financiering van ons beleid en onze acties betreft mogen we niet bang zijn voor verandering of terugdeinzen voor innovatie. Daarom herinner ik u er nogmaals aan dat het Parlement en de Europese burgers vol ongeduld wachten op de publicatie van het pakket eigen middelen, dat de Unie in staat moet stellen haar financiële middelen op duurzame wijze aan te vullen en gemeenschappelijk opgebouwde schuld af te lossen. De geloofwaardigheid en het nakomen van een gegeven woord staan hier op het spel. Deze innovaties ontheffen ons ook niet van de taak om ons financieel kader af te stemmen op de uitdagingen van onze eeuw, en wel door het stabiliteits- en groeipact op realistische wijze te hervormen. We mogen onze toekomst en de toekomst van onze kinderen niet langer in het keurslijf van de regel van 3 % dwingen.

 

Op de tweede plaats, een Europa dat beschermt

We moeten de idee nieuw leven inblazen dat Europa ons beschermt, dat Europa zijn grenzen en zijn burgers beschermt, zich inzet voor hun veiligheid, alsook voor het algemeen belang en voor de soevereiniteit van elke lidstaat. Dit hebben we gedaan met ons gemeenschappelijk vaccinbeleid: we hebben op besluitvaardige wijze kunnen laten zien dat Europa klaarstaat om zelfs bij de zwaarste crises de Europeanen te beschermen. We moeten verder inzetten op een Europa van de gezondheid, met een versterking van onze gezondheidsarchitectuur op mondiaal niveau om meer preventie, bescherming en crisisparaatheid te kunnen bieden. Daarom ben ik verheugd over het besluit van de Wereldgezondheidsvergadering om onderhandelingen op te starten over een bindend instrument ter bestrijding van pandemieën.

De Europeanen beschermen, betekent beter voorbereid zijn om te kunnen reageren op toekomstige crises van gelijk welke aard, onder meer op het gebied van gezondheid, natuur en handel, en crises van diplomatieke of militaire aard.

Dit houdt in de eerste plaats in dat we ons gemeenschappelijk veiligheids- en defensiebeleid moeten versterken, om samen sneller en krachtiger te kunnen optreden als onze belangen worden bedreigd. Ik weet dat dit thema een van de speerpunten van het komende Franse voorzitterschap zal vormen, en dat is een goede zaak.

De Europeanen beschermen, betekent ook dat we doortastend moeten handelen om onze beleidskeuzes op het gebied van migratiebeheer en het beheer van de buitengrenzen beter op elkaar af te stemmen. In mijn toespraken heb ik het regelmatig over asiel en migratie: het is geen geheim dat migratie inmiddels een sleutelrol speelt in de buitenlandse betrekkingen van de EU en in onze agenda’s voor het buitenlands beleid. Het Parlement is reeds gestart met zijn werkzaamheden ter verbetering van de voorstellen van de Commissie voor het Europees migratie- en asielpact, op basis van een nieuw pact dat uitgaat van solidariteit en verantwoordelijkheid. Ook de Raad heeft hierbij zijn rol te vervullen, en het is van belang dat we spoedig tot een akkoord komen, anders krijgen populisme en kortetermijnoplossingen vrij spel in dit dossier. De recente gebeurtenissen aan de grens met Belarus hebben duidelijk aangetoond dat het noodzakelijk is vastberaden en solidair te handelen op dit cruciale gebied.

De Europeanen beschermen, is ervoor zorgen dat alle Europese burgers waardig kunnen leven van hun werk, met een fatsoenlijk en rechtvaardig minimumloon. Daarom dringen we er nogmaals op aan om hierover een ambitieus compromis te sluiten. Ik ben dan ook verheugd over het voorstel van de Commissie over platformwerkers, waardoor miljoenen Europese werknemers opnieuw sociale bescherming zullen krijgen.

De Europeanen beschermen, wil ook zeggen dat we het evenwicht herstellen in handelsbetrekkingen waarin het evenwicht zoek is, wanneer landen ons bedreigen via investeringen of dwangmaatregelen.

De Europeanen beschermen, is ten slotte ook doeltreffende technische en economische oplossingen vinden in het geval van een energiecrisis. Geen enkele Europeaan zou in energiearmoede mogen belanden, zelfs niet als we te maken hebben met een internationale crisis die de mondiale markten verstoort: ook op dit soort kritieke momenten moet de Unie gedurfde oplossingen aanreiken om de veiligheid van alle Europeanen te waarborgen.

 

Tot slot, een Europa dat straalt als een lichtbaken dankzij zijn democratisch model

Veerkracht is een woord dat we sinds enkele jaren regelmatig horen vallen: Europa moet veerkrachtig zijn om bestand te zijn tegen economische schokken, conflicten aan de grenzen, de ecologische crisis, sociale crises... Uiteraard moeten we deze crises overwinnen en dit soort uitdagingen het hoofd bieden, maar is veerkracht de enige manier om dit te bereiken? Als we de nadruk leggen op veerkracht, geven we op de een of andere manier al toe dat we verslagen zijn en zien we onszelf als slachtoffer, als een kwetsbaar wezen.

Belangrijker dan veerkracht is de trots die Europa opnieuw moet vinden. Europa mag trots zijn op zijn democratisch model. Het moet onze vurige wens zijn ervoor te zorgen dat dit model van democratie, vrijheid en welvaart straalt, aantrekt, doet dromen, en niet alleen bij onze eigen Europese medeburgers, maar ook buiten onze grenzen.

Ons democratisch model doen stralen, betekent dat we laten zien tot welke successen dit model in staat is, hoe doeltreffend het kan zijn voor het openbaar beleid en wat voor tastbare resultaten het kan opleveren als het vastberaden wordt toegepast.

Ik hoop dat de volgende Dag van Europa, op 9 mei, de gelegenheid zal vormen voor een gezamenlijk evenement dat kracht en eensgezindheid uitstraalt, dat blijk geeft van onze gezamenlijke inzet voor het Europese project en de waarden en beschaving die het uitdraagt.

Dames en heren,

U heeft inmiddels begrepen dat mijn toespraak van vandaag niet alleen over de actualiteit van de dag gaat. Ik vond het belangrijk deze kans te benutten om de aandacht van eenieder te vestigen op een aantal lacunes in het project.

“Innoveren, beschermen, stralen”: dat zijn de drie woorden die ik u wil meegeven om ons Europees project nieuw leven in te blazen. Beste Emmanuel, toen ik afgelopen donderdag in Parijs was, is de slogan voor het Franse voorzitterschap van de Raad van de Europese Unie mij niet ontgaan: “Herstel, kracht, erbij horen”. Ik stel vast dat deze keuze perfect aansluit bij wat ik zojuist heb verteld:

– omdat we niet kunnen herstellen zonder te innoveren;

– omdat de kracht die we voor onze Unie willen, moet worden gebruikt om onze visie op de wereld tot uitdrukking te brengen, en dus om de Europeanen te beschermen;

– omdat de Europeanen pas het gevoel zullen hebben erbij te horen als het politieke model van Europa straalt en aantrekt.

Ik stel dus tevreden vast dat deze verschillende toekomstvisies samenkomen. Nu is het aan ons om deze visies om te zetten in concrete daden, zodat Europa zijn positie kan behouden en zijn beloften kan houden, ten dienste van alle Europeanen.

Hartelijk dank en ik wens u een productieve vergadering!